“Geschiedenis heeft toch geen nut…”

•september 21, 2014 • Geef een reactie

Waves_of_paratroops_land_in_Holland

“Geschiedenis heeft geen nut, daar doe ik dus niet aan….”

Dit is een veel gehoorde uitspraak in de tienergroep. Voor mij altijd een uitdaging om hen te laten ervaren wat en hoe geschiedenis heel erg actueel kan zijn en kan uitdagen tot denken, filosoferen en bewustwording. Afgelopen donderdag nam ik een bijlage uit de krant mee over “Market Garden”: de grootste geallieerde invasie in Nederland die helaas niet slaagde waardoor het noorden van Nederland de Hongerwinter heeft moeten meemaken.

In de ochtendkring las ik een stukje voor van een ervaring van iemand uit die periode. Daarna had ik briefjes gemaakt met vragen erop over de tweede wereldoorlog. De vragen waren gedeeltelijk feitelijk, maar ook filosofisch van aard. Bijvoorbeeld: Als de geallieerden ons niet hadden bevrijd, was er nu dan een conflict in Israel denk je? Vind je het terecht dat er tijdens een oorlog een andere rechtspraak is dan in vredestijd? Of: Wij zijn blij dat de geallieerden ons bevrijd hebben, zouden wij dan ook niet in Syrië moeten gaan helpen? Ik deed deze briefjes in een schaaltje en ieder mocht een vraag trekken. De opdracht die ik erbij gaf was dat ze aan het eind van de dag ieder een minuut moest vullen rondom de vraag op hun briefje. Dat mocht dus een verhandeling zijn, een filosofisch verhaal, een liedje etc.

In eerste instantie leverde dat een hoop gesputter op. Ik heb hier heel luchtig op gereageerd en vooral geobserveerd wat er zich die dag zou ontvouwen, benieuwd of men de uitdaging aan zou gaan.

Het begon met een jongen van 12 die geschiedenis echt nutteloos vond en in eerste instantie weigerde zijn opdracht te doen onder het uiten van een hoop commentaar. Terwijl hij aan het mopperen was had ik een heel interessant gesprek met een andere knul. Via zijn vraag kwamen wij op allerlei zaken terecht rondom de tweede wereldoorlog en het heden. De knul van 12 zat ernaast en toen hij merkte dat ik zijn negatieve reacties negeerde en mij focuste op het boeiende gesprek met de ander, mengde hij zich steeds meer in het gesprek en ontstond tussen de twee heren een interessante uitwisseling.

Even later werd ik door een oudere knul geroepen, “wie is Mao?” Zijn opdracht luidde: Wie vind je dat ergere dingen heeft gedaan Mao of Hitler, en waarom? Hij kroop achter de computer en ging een en ander opzoeken. Dat was best moeilijk voor iemand die moeite heeft om geschreven tekst tot zich te nemen.

Zo ging het de hele dag door, ze bleken de opdracht toch wel aardig serieus te nemen en er ieder op zijn/haar manier mee bezig te zijn. In de slotkring was het even stil: wie zou er beginnen… toen het ijs eenmaal gebroken was ontstonden er naar aanleiding van de vragen hele boeiende gesprekken met afwisselend kennisoverdracht en filosofische bespiegelingen. Jongeren die niet zo goed wisten wat te vertellen hielp ik verder door vragen te stellen, zodat ze hun mening konden formuleren. Dat dit soort gesprekken naar aanleiding van gebeurtenissen in de geschiedenis tot denken aanzet moge duidelijk zijn aan de hand van de goudeerlijke opmerking van één van de jongens: “Ik denk dat als ik toen geleefd had in Duitsland, ik misschien ook wel achter Hitler aan was gegaan: iedereen zei dat hij goed was, hoe kon je dan weten dat hij fout was?”

En hiermee lijkt mij het nut van Geschiedenis weer overduidelijk bewezen.

Dag van de duurzaamheid, Apeldoorn

•september 16, 2014 • Geef een reactie

Op de dag van de duurzaamheid wordt de Eco Campus Aventurijn gepresenteerd op
het Zwitsalterrein Apeldoorn. School, wonen, werken en zorg in één. Behalve
informatie over de campus, is er gelegenheid om zelf met leem, Pavatex,
strobalen en hout te werken. Dag van de duurzaamheid

Prentenboek

•juni 9, 2014 • Geef een reactie

aldo prentenpoep (3)_Page_11-1

Aldo de Vos (17jr)  heeft dit jaar als zijn eindproject van Aventurijn, gekozen een prentenboek te maken: “Buikpijn”

Het ligt klaar om naar de drukker te gaan.

“Nadat Nijlpaard alle restjes van zijn verjaarsdagsfeest op heeft gegeten, krijgt hij opeens ontzettende buikpijn. Samen met Leeuw vraagt hij de andere dieren om hulp, maar niemand kan hem helpen, totdat…”

U kunt dit boekje bestellen  via het contact formulier op deze site. Het boekje zal €20,- gaan kosten. Formaat: liggend A4, 24 pagina’s, harde kaft.

aldo prentenpoep (5)_Page_02

Kinder Matteus

•april 13, 2014 • Geef een reactie

Een paar weken geleden werd het aangekondigd: wie gaat er mee naar de Kinder matteüs?

In de kring met 7-12 jarigen werd uitgebreid verteld wat dit zou zijn en aan ieder kind afzonderlijk werd gevraagd of hij/zij mee zou gaan. Op Aventurijn mag je immers zelf kiezen aan welke activiteit je meedoet… Bijna iedereen had zich aangemeld.

Vandaag was het zover. Daar hadden een heleboel kinderen eigenlijk helemaal niet meer zo’n zin in. Ze hadden voor vandaag andere plannen, kinderen van deze leeftijd leven immers vaak in het “nu”. Is de activiteit waar je nu mee bezig bent interessant, dan wint die het altijd van de activiteit die nog komen moet en waar je je geen voorstelling van kunt maken. Dit soort momenten op Aventurijn zijn heel confronterend voor kinderen en begeleiders, maar ook essentieel: het leren gevolgen dragen voor je eerdere beslissingen, je ergens toe zetten waar je eigenlijk niet zo’n zin meer in hebt, begrip krijgen voor wat jouw beslissing betekent voor de ander: Immers diverse mensen hebben allerlei moeite gedaan om een plekje te reserveren, auto’s te regelen etc.

Opvallend is dan ook dat kinderen het idee hebben dat alles leuk moet zijn, en bang zijn voor het onbekende dat misschien wel eens “niet leuk” zou kunnen zijn.

In de kring bespraken we al deze zaken. Ik zei hen dat ze vanmiddag in ieder geval met een bijzondere ervaring naar huis zouden gaan; misschien een mooie ervaring, een saaie, een gezellige of de ervaring dat ze nóóit meer mee zouden gaan. Daarbij noemde ik terloops even het feit dat dit slechts 45 minuten van hun leven zou kosten. Hierop werd door één van de kinderen direct uitgerekend hoeveel uur je in je leven gemiddeld hebt…..tja, en dan is 45 minuten wel te doen.

Aangezien ik een auto heb die alleen op liedjes rijdt, werd er reuze gezellig gezongen onderweg en had iedereen veel plezier.

In de grote kerk van Apeldoorn werden we opgewacht door onze speciale begeleider en mochten we zachtjes naar binnen. Daar speelde het orkest in een enorme indrukwekkende kerk. Op de eerste rij voor ons zat een andere school….tenminste dat dachten wij. Tot zij het kinderkoor bleken te zijn en zich omdraaiden, op de banken gingen staan en samen met het volwassen koor dat tussen de schoolkinderen zat, begonnen te zingen. Ik zag ogen gaan stralen; we zaten tussen het koor, overal was klank!

Voor sommige kinderen was het lang stilzitten, een ander vond het juist veel te snel afgelopen. Achteraf vroeg ik hen wat ze bijzonder hadden gevonden aan deze voorstelling: De reacties waren zeer divers:“de kleuren, het orkest, niks of juist alles.”

Toen er tijdens de voorstelling gevraagd werd wie er vrijgelaten zou worden: Barabas of Jezus ,werd er van de zaal verwacht dat iedereen “Barabas!”zou roepen zoals eerder op school uitgelegd was. Een klein meisje vertrouwde mij echter toe:“Ik heb niet meegeroepen maar in mijzelf “Jezus!” geroepen, want ik wilde dat ze die vrij zouden laten.”

Een bijzondere ervaring was het zeker!

Aria voor fagot

•oktober 14, 2013 • Geef een reactie


                            

aria2Wat is er mooier dan kinderen te raken met kunst. Kinderen laten ervaren dat sommige dingen haast niet in woorden te vatten zijn. Soms zijn er van die momenten dat dat lukt; kleine pareltjes.

“Aria”is een stuk voor fagot solo van Ruud van Eeten. Ik vertelde de kinderen dat een aria meestal een gezongen muziekstuk is in een opera. De zanger speelt toneel en bezingt met woorden iets dat hij voelt of meemaakt. In dit stuk zingt de fagot, maar die kan natuurlijk geen woorden uitspreken, dus niemand weet precies waar hij over zingt.

Of toch wel….? Misschien kan iedereen wel verstaan wat de fagot zingt, maar zal iedereen iets anders horen. Ik vroeg de kinderen heel stil te zijn terwijl ik de aria zou spelen en met hun hart te luisteren naar het verhaal dat de fagot bezong. Ze konden zelf kiezen of zij wilden tekenen of gewoon luisteren. Een stoere knaap van 11 kroop in een hoekje op de bank, een meisje van 8 begon, voor ik één noot had gespeeld, al te tekenen.

Toen het stuk klaar was kon je een speld horen vallen. Ieder kreeg de gelegenheid iets te vertellen over “het verhaal”. Zo dacht een jongen dat het over een oud zeilschip ging, een ander vond het een geheimzinnig paddenstoelen bos en weer een ander had een heel verhaal bedacht over een prinses die niet van een berg afdurfde en de prins die haar hielp.

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Ik vroeg hen of ze ook konden bedenken wat voor een decors er bij hun verhaal zouden kunnen passen. Dat mochten ze op grote doeken schilderen. Een paar kinderen  gingen voortvarend aan de slag, een ander hield het liever bij zijn tekening, weer een ander bleef gewoon nog even luisteren. Terwijl de kinderen schilderden, speelde ik nogmaals het stuk. De stilte en sfeer was wederom zo intens dat het om meer muziek vroeg. Terwijl de kinderen schilderden bleef ik spelen. Toen ik uiteindelijk stopte bleef de stilte, werd er intensief verder gewerkt  en zo nu en dan gefluisterd.KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Mooi om te zien dat één meisje echt helemaal in de sfeer van de muziek bleef: een mysterieus bos, maar wel met hartjes aan de bomen. Toen ze dacht dat het wel klaar was, bekeek zij het eens goed van een afstandje en verzuchtte omdat ze iets heel belangrijks had vergeten:

“…  er moet nog róód bij!” Heel zorgvuldig schilderde zij een rode lijn onder de blauwe lucht.

Wat waren ze trots op hun schilderijen, dit was méér dan alleen maar even schilderen.

emoties…

•oktober 4, 2013 • 1 reactie

Wat is het toch lastig soms om zonder te oordelen een ander mens zijn eigen processen door te laten maken. Voor kinderen, maar ook voor ouders. Hoe moeilijk om je eigen referentiekaders los te laten en de ander als mens in ontwikkeling te zien.

Dagelijks hebben wij gesprekjes met kinderen om hen bewust te maken van het feit dat iedereen dingen te leren heeft; de één vindt het moeilijk om te leren rekenen, de ander om samen te spelen, op te ruimen, initiatief te nemen, in de kring te komen , en weer een ander is aan het leren om zijn/haar emoties te hanteren. Met name dat laatste is iets dat vaak duidelijk aanwezig is in de groep en voor ouders en kinderen soms heel confronterend kan zijn. Kinderen die moeilijk om kunnen gaan met emoties, gauw boos worden en dat op een expressieve, grensoverschrijdende manier uiten. Ligt het aan de ouders die geen grenzen stellen, heeft het kind een pilletje nodig, moet het strenger aangepakt op school, of uit het de frustraties van anderen omdat het zo gevoelig is….Allemaal mogelijk maar niet aan ons te veroordelen.

Wat wij wel kunnen doen is de ouders en het kind ondersteunen met de zoektocht naar hún waarheid. Het kind helpen zoeken naar manieren om met deze expressieve kracht om te gaan zonder dat het destructief wordt. “Ik wil niet zo boos meer zijn” huilde ooit een knulletje van 5 na een woede uitbarsting. In feite vroeg hij ons om hulp om zijn boosheid te leren hanteren. In de loop der jaren leerde hij even uit de situatie te lopen en op een rustig plekje te gaan zitten, leerde hij dat het belangrijk voor hem is op tijd te eten en drinken, leerde hij tegenslagen te incasseren  zonder direct boos te worden. Tja, en als je aan het leren bent gaat het soms ook nog wel eens mis. Belangrijk is dat er dan mensen om je heen zijn die je het vertrouwen geven dat je het echt wel kunt, en het de volgende keer weer gaat lukken. Mensen die samen met je vallen en opstaan, huilen en lachen en zoeken naar een goede weg.

Voor de ouders is er ook genoeg huiswerk te doen. Dag in dag uit omgaan met een kind dat zijn emoties niet in de hand heeft is best een zware klus. Je wilt het beste voor je kind, ligt het aan jezelf? Schuldgevoel ligt al gauw op de loer, zeker met een maatschappij zie zijn oordeel al klaar heeft na de zoveelste woedebui in de supermarkt. Of wat dacht je van de spirituelen: “je kind is je spiegel” Maar daar zit je als ouder echt niet op te wachten ook al weet je dat er een kern van waarheid in kan zitten. Ik denk dat de ouders het best geholpen zijn met mensen om hen heen die niet oordelen maar ondersteunen. Die eens een keertje het kind te spelen vragen zodat je even bij kunt komen, die meedenken over de sleutels in jou en in je kind om jullie op weg te helpen. Mensen die begrijpen dat je je uiterste best doet om het goed te doen. Kortom mensen die je constructief ondersteunen.

Voor de begeleiders is het altijd zaak een balans te zoeken tussen het kind helpen, maar ook de andere kinderen beschermen. Boos gegil in het lokaal kan bijvoorbeeld niet. Gebeurt het dan nooit? Oh, jawel, want ook dat moet geleerd worden, de consequentie is dan wel dat het gillende kind even buiten wordt gezet. Soms heeft een kind met een boze bui het nodig vastgehouden te worden. Dat ziet er voor een buitenstaander vaak heel heftig uit. Liefdevol doch stevig vasthouden, kan voor sommige kinderen ook juist veiligheid bieden en het helpen weer bij zichzelf te komen. Soms is het juist nodig  om andere kinderen te beschermen. Maar er zijn soms ook kinderen die je beter niet kunt vastpakken , maar beter even los kunt laten en negeren. Dat kan voor een buitenstaander soms ook vreemd zijn; “Daar loopt een kind zomaar te gillen, tieren, of huilen en niemand doet iets”. Voor sommige kinderen is dat de beste manier.

Is het dat expressieve boze gedrag niet schadelijk voor de andere kinderen?

Als wij zien dat een kind schrikt of moeite heeft met het gedrag van een ander, leggen we uit wat er gebeurt. Als het vaker voorkomt leren de andere kinderen ook dat die emoties bij dat kind horen en niets met hun van doen heeft. Iedereen heeft wel eens wat.  Ook kunnen er groepsgesprekken ontstaan over bepaalde situaties. We bespreken dan dat iedereen dingen aan het leren is en dat dit soms nog veel lastiger kan zijn dan leren schrijven of lezen. We keuren het gedrag niet goed, de grens is duidelijk, maar we helpen het kind wel die grens een volgende keer zelf aan te kunnen. Soms ontstaan mooie gesprekjes spontaan of in de kring: “wat doe jíj als je boos bent?” “Ik ga huilen”of “ik ga stampen op de trap”, of “ik word net zo boos als hij”. En dan kan er een stukje begrip gaan ontstaan ; “begrip”geen “goedkeuring”…

Een volgende vraag zou kunnen zijn of ook de kinderen iets zouden kunnen doen om het betreffende kind te helpen te leren wat hij/zij te leren heeft. Zo was er eens een jonger kind dat vaak ging gillen als hij zijn zin niet kreeg . Kinderen van een jaar of 10 kwamen tot de conclusie dat de kleuter waarschijnlijk aandacht wilde en zij besloten allemaal extra aardig tegen hem te zijn. Dit hebben zij een aantal weken bewust volgehouden en zagen resultaat.

Wat mij opvalt aan kinderen is dat zij, als zij langere tijd op deze manier met elkaar zijn, ook zien van elkaar welke stappen er genomen worden. De enorme ruimte die kinderen elkaar dan gunnen is mooi om te zien. Zo zei een meisje van 8 over haar vriendje na een enorme boze bui: “Vroeger was hij veel vaker boos, hij heeft het echt al heel goed geleerd!”

Van deze wijsheden,  dáár kunnen wij als volwassenen weer heel wat van leren.

leer ik wel genoeg?

•september 7, 2013 • 3 reacties

DSCF2438

Wat is het toch dat zelfs kinderen bang zijn dat ze niet genoeg leren….? Kennelijk zit er in ons collectief wezen ingebakken dat je leert op school uit een boek en aan een tafeltje, OK… de computer wordt ook meer en meer geaccepteerd als leer-hulpmiddel, maar toch….

Op een school als Aventurijn, waar kinderen op 1000 manieren leren, de hele dag door, worden wij regelmatig geconfronteerd met opmerkingen en angsten van ouders, en (dus?) ook kinderen. Zeker na een lange vakantie waar zij vaak weer ondergedompeld zijn in een omgeving van mensen die overtuigd zijn dat er maar één manier van leren is, en één weg om er te komen in het leven.

Zoals bijvoorbeeld gisteren een knulletje dat tegen zijn begeleider verzuchtte dat hij misschien maar naar een gewone school ging want; tja…hier kon je toch écht niet aan elkaar leren schrijven. Een ander verzuchtte dat als hij hier zou blijven hij nóóóit een opleiding zou kunnen doen.

Uiteraard laten de begeleiders deze kinderen zien dat het wèl kan hier en gaan ze meteen met hen aan de slag op een manier die deze kinderen beter herkennen. Of laten wij zien wat ex-leerlingen zijn gaan doen en hoe andere kinderen op Aventurijn bezig zijn . Soms heeft een kind namelijk het idee dat het bijvoorbeeld geen Engels kan leren, terwijl in een ander lokaal de Engelse les gaande is, of het uitgebreid Engels spreekt met onze buitenlandse gast. (overigens blijken ex-Aventurijn leerlingen regelmatig boven gemiddeld te presteren met Engels op vervolgopleidingen.)

Bij mij blijft echter de vraag: Hoe kan het toch, dat wij zo bang zijn dat het niet goed komt met onze kinderen als zij een andere weg volgen dan gebruikelijk. Dan zijn we ineens vergeten hoeveel kinderen er stranden via de reguliere weg, en hoe belangrijk het is dat zij zich eerst als mens ontwikkelen. Dan zien we ineens niet meer dat de kinderen op Aventurijn stralen, dat ze gemotiveerd zijn,. Natuurlijk gaan ze ook door dalen heen. Leren is juist door deze weerstanden heen, op eigen kracht, ondersteund door mensen om je heen, weer verder gaan. Wat een overwinning en groei levert dat op!

Eigenlijk denk ik dat dit hele probleem met individualiteit en ik-kracht te maken heeft. Durven wij te geloven in onze eigen weg? Durven wij los van wat de massa en de media ons vertellen te vertouwen op ons eigen weten, onze eigen ontwikkeling? Geluk is niet afhankelijk van welke opleiding je doet, welk diploma je hebt, of waar je woont. Ik denk dat ons die ik-kracht wordt afgeleerd. Wij moeten doen en denken zoals de meester zegt, de politiek wil, de dokter je voorspiegelt en de baas je opdraagt. Anderen vertellen je al van jongs af aan wat goed voor je is. Werkelijk zelfstandig denken en handelen is iets dat wij (weer) moeten leren. Dat is een proces van vallen en opstaan in deze maatschappij want steeds word je weer uitgedaagd en getriggerd. Maar hoe mooi om te zien als kinderen al jong dit proces in kunnen gaan. Deze kinderen zie je na periodes van spelen, luieren, werken en ervaren, rond hun 14 e steeds krachtig hun eigen waarheden neerzetten en hun eigen route uitstippelen. Prachtig om te zien hoe zij dan bewust ook hun eigen zwakheden gaan zien en daarmee om willen leren gaan. Gedreven bereiden zij zich voor op volgende stappen in de maatschappij. Pijnlijk te zien hoe kinderen die pas later naar Aventurijn komen, soms één of meerdere jaren nodig hebben om werkelijk weer te durven vertrouwen op hun persoonlijke pad.

Hoe pijnlijk ook te horen van een ex-leerling dat hij moeite heeft met de houding van medestudenten: “ze zijn zo ongemotiveerd! Ze doen de dingen omdat het moet, en vooral niet méér” Hij is op zoek naar mensen die net zo gepassioneerd zijn voor zijn vak als hij en die zijn helaas moeilijk te vinden…

En hoe eigen de opmerking van een ander die dit jaar afstudeert aan een HBO-kunst opleiding en nog een vervolgstudie overweegt: “Ik wil een studie waar ik dingen leer die je niet uit boeken kunt halen, die kan ik namelijk ook zelf wel lezen”  Op Aventurijn las hij zelden, maar nu verdiept hij zich in de werking van drugs, om zijn medemensen duidelijker uit te kunnen leggen waarom hij niet blowt, maar ook leest hij moeilijke filosofische boeken. Niet omdat iemand hem vertelt dat het moet, maar gewoon, omdat hij er in geïnteresseerd is.

Wat in alle discussies over onderwijs echter nog wel eens over het hoofd wordt gezien is echter het doorslaggevend belang van de thuissituatie. Het valt mij op dat je als school wel iets kunt betekenen in de ontwikkeling van een mens, maar de belangrijkste factoren zijn toch te vinden in de omgeving waarin het kind opgroeit. Het voorbeeld van de personen waar het kind zich mee identificeert (meestal de ouders) is van essentieel belang.

Tja, en hoe kunnen we van de kinderen verwachten dat zij hun eigenheid ontwikkelen als wij zelf vast zitten in de collectieve opinie. Dus volwassenen: werk aan de winkel!